Spaans is een prachtige taal en om deze te leren, is het wellicht handig als we je een korte uitleg geven de uitspraak van de letters en over de mannelijke en vrouwelijke Spaanse woorden. Mucha suerte!
Spaans
De Spaanse taal is fonetisch, wat betekent dat je alles uitspreekt, zoals het staat geschreven. Dat is een groot verschil met de Nederlandse taal, die niet fonetisch is. En bepaalde letters spreek je in het Spaans anders uit.
Uitspraak letters
LL: uitspraak = j
J: uitspraak = g
U: uitspraak = oe
V: uitspraak = zachte b
R: uitspraak = zachte r
RR: uitspraak = harde r
E: uitspraak = harde è
H: wordt niet uitgesproken
Q = k
C: uitspraak = s/c of k*
G: uitspraak = g of zoals de g in het woord Google**
Verschillende uitspraken C en G
*Als na de ‘c’ een ‘e’ of een ‘i’ komt, spreek je deze letter uit als een ‘s/c’
*Als na de ‘c’ een ‘a’, ‘u’, ‘o’ of ‘y’ komt, spreek je deze letter uit als een ‘k’
**Als na de ‘g’ een ‘e’ of een ‘i’ komt, spreek je deze letter uit als een ‘g’
**Als na de ‘g’ een ‘a’, ‘u’, ‘o’ of ‘y’ komt, spreek je deze letter uit, zoals in het woord Google
Voorbeelden uitspraken woorden met een C
Un cepillo de dientes = een tandenborstel
La vecina = de buurvrouw
una carta = een kaart
Un cortado = een espresso met een scheutje melk
El cuadro = het schilderij
Voorbeelden uitspraken woorden met een G
Un gigante = de reus
El gel = de gel
El gobierno = de regering
La garantía = de garantie
Una laguna = een lagune
Mannelijke zelfstandige naamwoorden
Eindigen vaak op: ‘o’ of ‘or’
Woorden, waarbij de persoon het geslacht bepaalt, eindigen op: ‘ista’.
Voorbeelden zelfstandige naamwoorden
El barco = de boot
Un ordenador = een computer
El taxista = de taxichauffeur
Vrouwelijke zelfstandige naamwoorden
Eindigen vaak op: ‘a’, ‘ción’, ‘dad’.
Woorden, waarbij de persoon het geslacht bepaalt, eindigen op: ‘ista’.
Voorbeelden zelfstandige naamwoorden
La barba = de baard
La estación = het station
Una hermandad = een broederschap
La periodista = de journalist
Mannelijke lidwoorden
Lidwoorden bij enkelvoudige zelfstandige naamwoorden: ‘el’ en ‘un’.
Lidwoorden bij meervoudige zelfstandige naamwoorden: ‘los’ en ‘unos’.
Voorbeelden bij enkelvoudige zelfstandige naamwoorden
El profesor = de docent
Un gato = een kat
Voorbeelden bij meervoudige zelfstandige naamwoorden
Los hoteles = de hotels
Unos perros = enkele honden
Vrouwelijke lidwoorden
Lidwoorden bij enkelvoudige zelfstandige naamwoorden: ‘la’ en ‘una’.
Lidwoorden bij meervoudige zelfstandige naamwoorden: ‘las’ en ‘unas’.
Voorbeelden bij enkelvoudige zelfstandige naamwoorden
La profesora = de docente
Una universidad = een universiteit
Voorbeelden bij meervoudige zelfstandige naamwoorden
Las calles = de straten
Unas copas = enkele glazen
Werkwoorden vervoegen
Een handige website voor het vervoegen van werkwoorden, heet Es Facil.